Sophie Turner (29) had niet verwacht dat het moederschap een grote invloed zou hebben op haar carrière. Ze moest het “op een bepaalde manier” weer opbouwen na de geboorte van haar dochters, vertelt ze aan ‘The Guardian’.
De Britse actrice kreeg met zanger Joe Jonas haar eerste kind op haar 24ste en haar tweede op haar 26ste, enkele jaren nadat ze een grote ster was geworden dankzij de serie ‘Game of Thrones’. Nu de kinderen er zijn, vindt ze het fijn dat ze zich geen zorgen meer hoeft te maken over haar “biologische klok en dat soort dingen”.
“Destijds voelde het gewoon als het juiste moment om me op mezelf te richten, omdat ik zo lang een personage was geweest. Nestelen en thuis zijn was geweldig”, kijkt de inmiddels 29-jarige Turner terug.
“Maar de keerzijde, en covid hielp daar niet bij, was dat dit een grote onderbreking van mijn carrière was. Ik heb het op een bepaalde manier weer moeten proberen op te bouwen. Je realiseert je niet hoe belangrijk momentum is in een carrière, en ik heb het een beetje laten stagneren.”
Zwakke prinsessen
Na ‘Game of Thrones’ kreeg Turner vooral rollen aangeboden die op Sansa Stark leken. “Prinsessen die zwak beginnen en uitgroeien tot sterke vrouwen.” Om die typecasting te doorbreken, kiest ze nu voor rauwere rollen. Ze is momenteel te zien in de Prime Video-thriller ‘Steal’, waarin ze een kantoormedewerker speelt die verwikkeld raakt in een gewelddadige overval. “Er is zoveel verraad en de belangen zijn zo groot; dat gevoel kun je niet voorbereiden,” vertelt ze over de opnames in Oost-Londen.
Daarnaast bereidt ze zich voor op haar rol als Lara Croft in de nieuwe ‘Tomb Raider’-serie. Hiervoor traint ze acht uur per dag. De fysieke transformatie bevalt haar goed. “Het is best fijn om eindelijk te leren hoe je een klap uitdeelt in plaats van er alleen een te ontvangen.”