Vroeger werd journalistiek gezien als een nobele roeping. Onderzoeksjournalisten zoals Michael Carter brachten decennialang corruptie aan het licht, hielden de machthebbers ter verantwoording en vormden de publieke opinie. Hun werk was belangrijk – totdat het internettijdperk alles veranderde.
In 2024 bevond Michael zich in een branche die integriteit niet langer hoog in het vaandel had staan. Nieuwsmedia, die zich nu richtten op sensatiezucht en virale content, gaven prioriteit aan clicks boven diepgaande berichtgeving. Michaels ooit prestigieuze krant, overgenomen door een miljardairmagnaat, bracht nu schandalige verhalen naar buiten, vaak met weinig respect voor de waarheid.
Op een dag gaf zijn redacteur hem een artikel over een senator en eiste dat het als feit gepresenteerd zou worden, ondanks het gebrek aan bewijs. Michael, verscheurd tussen zijn moraal en de druk om zijn baan te behouden, besloot het artikel te schrijven – en liet er subtiele aanwijzingen in achter om de onwaarheden te ontmaskeren.

Het artikel ging viraal, maar al snel ontdekten lezers de tegenstrijdigheden, waardoor de verontwaardiging van de senator naar de krant zelf verschoof. Michael werd ontslagen, maar voor het eerst in jaren voelde hij zich vrij. Hij had de verschuiving van de industrie van waarheidsvinding naar clickbait blootgelegd.
Toen hij de nieuwsredactie definitief verliet, besefte Michael dat journalistiek een farce was geworden: het ging niet langer om de waarheid, maar om het creëren van spektakel.